Schaakkoning en pion staan tegenover elkaar op een schaakbord.

Pion en Koning: over wie jij blijft, ook als alles tegen zit

Over zelfbeeld, identiteit en de stille vraag die we onszelf zelden hardop stellen, onderbouwd met wat de wetenschap erover weet, en met een klein stuk van mijn eigen verhaal.


Op een tafel staat een spiegel. Voor de spiegel staat een schaakstuk: een Pion. Klein, eenvoudig, helemaal niet bijzonder. Maar in de spiegel zie je iets anders. Daar staat een Koning. Statig. Vol. Onbeweeglijk.

Eronder staan drie woorden: You vs You.

Ik moest er lang naar kijken voordat ik wist waarom dit beeld me zo raakte. En toen wist ik het wel.

Niet omdat ik wil zeggen: “wees de Koning, niet de Pion.” Want zo werkt het leven niet. Wij zijn allemaal, op verschillende dagen, allebei. Soms tegelijk.

Maar omdat dit beeld iets vangt waar de wetenschap ons inmiddels veel over kan vertellen: het beeld dat je in je hoofd van jezelf vasthoudt, beïnvloedt hoe je door de wereld beweegt. Niet als wonderremedie. Niet als vervanging voor hulp wanneer die nodig is. Maar als één van de stillere krachten in een mensenleven.

Voor wie dit leest op een zware dag

Voordat ik verder ga, wil ik dit even gezegd hebben. Want dit soort blogs over identiteit, “wie jij werkelijk bent,” “kies de Koning in jezelf”, kan onbedoeld klinken als verwijt aan wie het op dit moment niet redt.

Dit blog is dat verwijt niet.

Als jij dit leest terwijl je vastloopt, uitgeput bent, in een burn-out zit, of een depressie probeert te overleven: dit blog zegt niet dat je harder had moeten zijn. Een lichaam dat het niet meer trekt, is geen zwakte van karakter. Het is een grens van wat fysiek mogelijk was, gegeven wat erop drukte.

De Pion en de Koning zijn allebei jij. Op verschillende momenten, in verschillende hoofdstukken. Als jij vandaag de Pion bent, klein, voorzichtig, een halve stap tegelijk, dan is dat ook precies wie je moet zijn vandaag. Wat ik straks schrijf, is bedoeld om bij je te zitten, niet om je te beoordelen.

De wetenschap van het zelfbeeld

In de psychologie bestaat er een verrassend krachtig idee, voor het eerst grondig onderzocht door psycholoog Hazel Markus van Stanford University in de jaren tachtig. Ze noemde het possible selves: mogelijke zelven. Niet wie je nu bent, maar wie je gelooft dat je zou kúnnen worden of zou kunnen verliezen.1

Markus liet zien dat mensen die een rijk, concreet beeld hebben van een toekomstig zelf (de zelf-die-haar-diploma-haalt, de ouder-die-er-is-voor-haar-kind, de zelf-die-deze-maand-doorkomt) zich anders gedragen dan mensen voor wie dat toekomstbeeld leeg of vaag is. Het beeld functioneert als een soort kompas: het richt aandacht, motivatie en kleine dagelijkse keuzes.1,2

Daarnaast is er het werk van Albert Bandura, een van de invloedrijkste psychologen van de twintigste eeuw. Hij beschreef het concept self-efficacy: het geloof in je eigen vermogen om iets aan te kunnen.3 Decennia onderzoek hebben laten zien dat self-efficacy een van de sterkere voorspellers is van of mensen volhouden bij tegenslag, hulp durven zoeken, of nieuwe vaardigheden onder de knie krijgen.4

Belangrijk: zowel Markus als Bandura benadrukten dat dit geen positief denken is. Geen affirmaties voor de spiegel. Geen manifesteren. Het is iets stillers: een innerlijk beeld dat zegt ja, dit kan ik. Ja, ik ben ook deze persoon. Ook als ik er nu niet zo uitzie.

Filosoof William James, ver vóór de moderne psychologie, schreef het al in 1890: handel alsof je de eigenschap al hebt, en gaandeweg verandert iets aan de binnenkant. Niet door zelfbedrog, maar door herhaalde, kleine, eerlijke pogingen.5

En toen kwam Viktor Frankl, psychiater en overlever van vier concentratiekampen. In zijn boek De zin van het bestaan schreef hij iets wat altijd zal blijven staan: “Alles kan een mens worden afgenomen, behalve één ding: de laatste van de menselijke vrijheden, om in welke omstandigheden dan ook je eigen houding te kiezen, je eigen weg te kiezen.”6 Geen grote vrijheid altijd. Soms maar een millimeter. Maar genoeg om iets in te bewegen.

Eén nuance hoort hier meteen bij. Het veelgeciteerde zinnetje over de ruimte tussen prikkel en reactie wordt vaak aan Frankl toegeschreven, maar is nergens in zijn werk terug te vinden. De woorden hierboven wél.

Een klein stuk van mijn eigen verhaal

Ik ga je iets vertellen, maar voorzichtig. Niet om mezelf groot te maken, want dat is precies wat dit blog niet moet doen, maar omdat ik denk dat je iets aan dit verhaal kunt hebben.

Er was een periode in mijn leven die zwaar was. Heel zwaar. Ik volgde een opleiding in een taal die niet mijn moedertaal was. Mijn tweede kind was een paar maanden oud en werd ’s nachts elke twee uur wakker. Mijn oudste ging naar school. Mijn baby ging naar de opvang. En ik probeerde tussendoor te leren, examens te halen, te functioneren.

Ik weet nog dat ik bij één examen voor de start mocht vragen: “mag ik dertig minuten extra, omdat ik bepaalde vraagformuleringen soms moeilijk vind?” Er stond op die vragen iets als: “…maakt niet onwaarschijnlijk dat…” een dubbele ontkenning die in mijn hoofd vier keer omgekeerd moest worden voor ik wist wat de vraag eigenlijk vroeg. Het antwoord was: nee, geen extra tijd, alleen een woordenboek.

Achteraf moet ik daarom lachen. Op dat moment niet.

Ik vertel dit niet omdat ik vind dat ik het goed heb gedaan. Veel mensen die ik bewonder zijn in soortgelijke situaties vastgelopen en hun lichaam zei: tot hier en niet verder. Dat is geen falen. Dat is een grens. En ik weet niet precies waarom mijn grens toen niet werd geraakt. Misschien geluk. Misschien een omstandigheid die ik niet zie. Misschien gewoon: het was deze periode, niet een andere.

Wat ik wél weet: ergens van binnen droeg ik in die maanden een stil beeld. Niet van succes, niet van een diploma, niet van een carrière. Het beeld was klein en concreet. Het was twee jongens die hun rugzakje aan de deur hangen. Een stem in mijn hoofd die zei: zij hebben niet zelf gevraagd om in deze wereld te komen. Maar nu zijn ze er. En dus loop ik vandaag de school in.

Ik voelde me die hele tijd als een Pion. En tegelijkertijd liep ik door het leven als een Koning.

Niet omdat ik dat was. Maar omdat dat beeld, de moeder die er is, hoe wankel ook, me overeind hield op de dagen dat de Pion-versie van mezelf nauwelijks meer kon staan.

Wat dit beeld werkelijk zegt

De spiegel in het beeld is niet een commando dat zegt: word de Koning, stop met Pion zijn.

De spiegel is iets veel zachters. Het zegt: je bent niet alleen wie je op je zwakste moment was. Je bent ook degene die jij in je beste momenten al even hebt gezien. Beide zijn echt. Beide zijn jij.

Onderzoek naar veerkracht en herstel laat keer op keer hetzelfde zien: mensen die door zware tijden komen, doen dat zelden door zichzelf op te jagen. Ze doen het door tijdens de zware periode een innerlijk fragment van zichzelf vast te blijven houden, een rol, een verantwoordelijkheid, een herinnering aan iemand die op hen rekent, een toekomst die ze ooit hadden willen zien. Niet alles tegelijk. Maar één draad. Één beeld in de spiegel dat blijft staan, ook als de rest in mist verdwijnt.7,8

En als die draad er voor jou even niet is, als de Koning in de spiegel vandaag te ver weg lijkt, dan is dat wat anderen voor jou kunnen doen. Een vriend, een hulpverlener, een huisarts, een familielid. Zij houden het beeld dan even vast tot jij er weer bij kunt.

Dat is geen zwakte. Dat is hoe mensen zijn gebouwd.

Een vraag om mee te dragen

Niet de vraag “hoe word ik de Koning?”, die ken je al, daar staan duizend boeken over.

Maar deze, zachter:

Welk beeld van jezelf, hoe klein, hoe wankel, heeft je gedragen door een periode die je niet meer dacht door te komen? En staat dat beeld er vandaag nog?

Verder lezen


Bronnen

De cijfers in de tekst verwijzen naar deze lijst.

  1. Markus, H., & Nurius, P. (1986). Possible selves. American Psychologist, 41(9), 954–969. https://doi.org/10.1037/0003-066X.41.9.954
  2. Oyserman, D., Bybee, D., & Terry, K. (2006). Possible selves and academic outcomes: How and when possible selves impel action. Journal of Personality and Social Psychology, 91(1), 188–204. https://doi.org/10.1037/0022-3514.91.1.188
  3. Bandura, A. (1977). Self-efficacy: Toward a unifying theory of behavioral change. Psychological Review, 84(2), 191–215. https://doi.org/10.1037/0033-295X.84.2.191
  4. Bandura, A. (1997). Self-efficacy: The exercise of control. W. H. Freeman.
  5. James, W. (1890). The principles of psychology (Vol. 2). Henry Holt and Company. https://psychclassics.yorku.ca/James/Principles/prin25.htm
  6. Frankl, V. E. (2006). Man’s search for meaning. Beacon Press. (Oorspronkelijk werk gepubliceerd in 1946)
  7. Southwick, S. M., Bonanno, G. A., Masten, A. S., Panter-Brick, C., & Yehuda, R. (2014). Resilience definitions, theory, and challenges: Interdisciplinary perspectives. European Journal of Psychotraumatology, 5, Article 25338. https://doi.org/10.3402/ejpt.v5.25338
  8. Southwick, S. M., & Charney, D. S. (2018). Resilience: The science of mastering life’s greatest challenges (2e ed.). Cambridge University Press. https://doi.org/10.1017/9781108349246

Bronnen op deze site staan in APA-stijl, met DOI waar die beschikbaar is. Waarom ik daarvoor kies →


Disclaimer: Dit blog gaat over psychologisch onderzoek naar zelfbeeld, identiteit en veerkracht. Het is geen medisch of psychologisch advies en zeker geen vervanging van professionele hulp. Herken je in jezelf langdurige uitputting, somberheid, slapeloosheid, of het gevoel dat je niet meer verder kunt, neem dan contact op met je huisarts of een behandelend specialist. Hulp zoeken is geen tegenspraak van dit blog. Het is de Koning-in-jou die zegt: ik laat de Pion nu niet alleen.

Ilhama | withilhama.com's avatar

Over de auteur

Ilhama | withilhama.com · Medisch specialist

Ik geloof dat een mens uit vele lagen bestaat — gevormd door wat we meemaken, verliezen, leren en opnieuw opbouwen.
Ik schrijf over wat onder de oppervlakte leeft: herinneringen, geur, stilte, kookkunst, gezondheid en veerkracht.
Op withilhama.com verbind ik wetenschap met menselijkheid — eerlijk, warm en met aandacht voor de verhalen achter de feiten.
Mijn diepste overtuiging is dat voorkomen beter is dan genezen. Daarom vertaal ik complexe kennis naar heldere inzichten die je helpen bewuster te leven en betere keuzes te maken.

Meer over mij ›

Meer berichten

Ontdek meer van withilhama

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder